In de Rotterdamse wijk Bloemhof maak ik een praatje met een oudere mevrouw achter een rollator. Ze vertelt dat ze niet veel te besteden heeft met alleen haar AOW. Ze doet bewust niet meer elke dag boodschappen, om niet te veel uit te geven. Ze heeft lang gewerkt in de catering, haar man bij een fietsenmaker. Sinds drie jaar hebben ze een eigen zaakje, fietsenreparatie en verkoop van tweedehands fietsen. Dat het crisis is merkt ze aan het afdingen. ‘Als een tweedehands fiets €50,- kost, willen ze hem voor €40,- hebben. Maar er zitten nieuwe onderdelen op!’ Het komt geregeld voor dat haar man geen geld heeft om die nieuwe onderdelen te bestellen. ‘De banken krijgen subsidie als het slecht met ze gaat, voor ons middenstanders is dat er niet.’ Zeven dagen per week zijn ze open om rond te komen. De buurt heeft haar goed opgevangen, zegt ze. ‘Buitenlandse mensen. Ze komen ons vaak eten brengen of een mango.’